Overdrachtsbelasting
Overdrachtsbelasting bij de aankoop van een recreatiewoning
Een recreatiewoning kopen is een mooie stap. Naast de koopsom krijgt u bij de aankoop ook te maken met bijkomende kosten, waaronder de overdrachtsbelasting. Hoeveel overdrachtsbelasting u betaalt, hangt onder meer af van het soort onroerende zaak en de manier waarop u deze gaat gebruiken.
Voor recreatiewoningen is de afgelopen jaren het nodige veranderd. Sinds 1 januari 2026 geldt een lager tarief van 8%. Voor 2027 ligt er bovendien een voorstel om dit tarief verder te verlagen naar 7%.
Wat is overdrachtsbelasting?
Overdrachtsbelasting is een belasting die wordt geheven wanneer u eigenaar wordt van een onroerende zaak. Bij de aankoop van een bestaande recreatiewoning, zoals een chalet of bungalow die als onroerende zaak wordt aangemerkt, wordt de overdrachtsbelasting doorgaans bij de notariële overdracht afgewikkeld.
De belasting wordt berekend over de waarde in het economisch verkeer van de woning. In veel gevallen is deze waarde gelijk aan de overeengekomen koopsom. De notaris zorgt bij een reguliere aankoop voor de aangifte en betaling van de overdrachtsbelasting.
Overdrachtsbelasting in 2026: 8%
Sinds 1 januari 2026 geldt een overdrachtsbelastingtarief van 8% voor woningen die u niet als hoofdverblijf gebruikt. Dit geldt bijvoorbeeld voor een tweede woning, vakantiewoning of woning die u koopt voor verhuur.
Een recreatiewoning valt in de praktijk doorgaans onder deze categorie. De Belastingdienst noemt een vakantiewoning expliciet als voorbeeld van een woning waarvoor het 8%-tarief geldt.
Koopt u in 2026 een bestaande recreatiewoning voor € 300.000, dan bedraagt de overdrachtsbelasting bij een belastbare waarde van € 300.000: 8% van € 300.000 = € 24.000
Mogelijke wijziging per 1 januari 2027: 7%
Voor 2027 is een verdere verlaging van de overdrachtsbelasting aangekondigd voor woningen die de koper niet als hoofdverblijf gaat gebruiken. In het voorgestelde Belastingplan 2027 wordt het tarief verlaagd van 8% naar 7%.
Dit betekent dat ook voor bijvoorbeeld vakantiewoningen en recreatiewoningen die onder het woningbegrip van de overdrachtsbelasting vallen, vanaf 2027 mogelijk een tarief van 7% gaat gelden.
Let op: op dit moment is deze wijziging nog een voorstel. Het Belastingplan 2027 wordt na Prinsjesdag door de Tweede Kamer en vervolgens de Eerste Kamer behandeld. De meeste voorgestelde maatregelen zijn bedoeld om per 1 januari 2027 in werking te treden als de parlementaire behandeling wordt afgerond.
Wat betekent dit in de praktijk?
Bij een recreatiewoning van € 300.000 zou de overdrachtsbelasting bij een tarief van 7% uitkomen op: 7% van € 300.000 = € 21.000 Ten opzichte van het tarief van 10,4% dat vóór 2026 gold, zou dat een verschil van € 10.200 betekenen.
Ten opzichte van het huidige tarief van 8% zou de mogelijke verlaging in 2027 bij een aankoop van € 300.000 een verschil van € 3.000 betekenen.
Welk tarief geldt voor een recreatiewoning?
Koopt u een recreatiewoning om deze als vakantiewoning te gebruiken, bijvoorbeeld voor eigen gebruik, verhuur of een combinatie daarvan, dan valt deze doorgaans onder het tarief voor een woning die u niet als hoofdverblijf gebruikt. In 2026 is dat 8%.
Als het voorstel voor 2027 wordt aangenomen, wordt dit vanaf 1 januari 2027 7%.
Het 2%-tarief is bedoeld voor een woning waarin de koper zelf voor langere tijd gaat wonen. Een reguliere recreatiewoning die uitsluitend als vakantiewoning wordt gebruikt, valt daar niet onder.
Geldt de startersvrijstelling voor een recreatiewoning?
De startersvrijstelling is gekoppeld aan de aankoop van een woning waarin u zelf voor langere tijd gaat wonen. Een vakantiewoning of recreatiewoning die u niet als hoofdverblijf gaat gebruiken, komt daarom niet in aanmerking voor deze vrijstelling.
Ook wanneer u jonger bent dan 35 jaar, betekent dit dus niet automatisch dat u een recreatiewoning zonder overdrachtsbelasting kunt kopen.
Hoe zit het met nieuwbouw en btw?
Bij een nieuwe recreatiewoning kan een andere fiscale situatie ontstaan. Afhankelijk van de omstandigheden kan de levering van een nieuwbouwobject met btw zijn belast in plaats van met overdrachtsbelasting.
Bij onroerende zaken speelt onder meer een rol of sprake is van een nieuw gebouw of een gebouw dat kort na de eerste ingebruikname wordt geleverd. De btw-regels zijn daarbij anders dan alleen de vraag of een chalet 'jonger dan twee jaar' is.
Laat daarom bij een nieuwbouwproject of een recent gebouwd chalet vooraf controleren of sprake is van een btw-belaste levering of overdrachtsbelasting. Dit kan een aanzienlijk verschil maken in de totale aankoopkosten.
Voorbeeld overdrachtsbelasting
Stel: u koopt een recreatiewoning voor € 300.000. Bij het huidige tarief van 8%: € 300.000 × 8% = € 24.000 overdrachtsbelasting
Als het voorgestelde tarief van 7% vanaf 2027 definitief wordt: € 300.000 × 7% = € 21.000 overdrachtsbelasting Dat betekent bij dezelfde aankoopprijs een verschil van € 3.000.
Het uiteindelijke bedrag hangt uiteraard af van de fiscale kwalificatie van de recreatiewoning en de regels die gelden op het moment van de overdracht.
Veelgestelde vragen over overdrachtsbelasting bij een recreatiewoning
Moet ik als koper zelf de overdrachtsbelasting betalen?
Ja. De overdrachtsbelasting komt in principe voor rekening van de koper. Bij een reguliere aankoop via de notaris wordt de aangifte en betaling doorgaans door de notaris geregeld.
Betaal ik ook overdrachtsbelasting als ik de recreatiewoning ga verhuren?
Bij de aankoop van een woning die u niet als hoofdverblijf gebruikt, geldt het daarvoor geldende tarief. Verhuur kan dus onder dezelfde categorie vallen als de aankoop van een vakantiewoning voor eigen gebruik. In 2026 is het tarief hiervoor 8%.
Is overdrachtsbelasting onderdeel van de kosten koper?
Ja. Bij een aankoop kosten koper (k.k.) is de overdrachtsbelasting één van de belangrijkste bijkomende kosten. Daarnaast kunt u bijvoorbeeld te maken krijgen met notariskosten, kadasterkosten en eventuele kosten voor financiering of advies.
Verandert de overdrachtsbelasting in 2027?
Er ligt een voorstel om het tarief voor woningen die niet als hoofdverblijf worden gebruikt vanaf 1 januari 2027 te verlagen van 8% naar 7%. Dit geldt volgens het voorstel onder meer voor woningen voor verhuur en vakantiewoningen. De wijziging is op dit moment nog niet definitief.
Laat de kosten vooraf goed berekenen!
De regels rondom overdrachtsbelasting kunnen veranderen en de fiscale behandeling kan per situatie verschillen. Zeker bij recreatiewoningen is het belangrijk om niet alleen naar de koopsom te kijken, maar ook naar de fiscale kwalificatie van het object, de grond en de manier waarop u de recreatiewoning gaat gebruiken.
Wilt u weten met welke bijkomende kosten u rekening moet houden bij de aankoop van een recreatiewoning? Wij denken graag met u mee en kunnen u inzicht geven in de belangrijkste aankoopkosten, zodat u vooraf een realistisch beeld heeft van de totale investering.
Voor de definitieve fiscale beoordeling adviseren wij altijd om uw situatie te laten controleren door de notaris of een fiscaal adviseur.





